Een middag met Cristina Martins (en de merel die zo mooi zingt)

Op 5 november 2017 trad ik op in Zaal 3, samen met nog een aantal anderen mensen in een voorstelling onder de naam `Een middag met Cristina Martins`. Cristina wilde als opening van haar expositie nu eens niet de gewone borrel te houden, maar haar werk gebruiken als inspiratie voor een voorstelling. Dit was de tweede keer dat ze dit organiseerde. Ze vroeg bevriende schrijvers en theatermakers een tekening van haar uit te kiezen en daar een tekst bij te maken. En het was ook deze keer weer verrassend hoeveel mooie verhalen het wonderschone, raadselachtige, intense werk van Cristina opleverde.
Op deze warme dag hoorde ik vanochtend tijdens mijn meditatie de merel weer zingen en ik vond dat ik even naar de duinen moest, om nog merels te horen zingen en toen dacht ik ineens aan dit verhaal dat ik maakte bij de tekening van Cristina. Hier is ie dus nog een keer, met dank aan Cris en aan mezelf en aan de merel die zo mooi zingt (die overigens niet op de tekening staat)

tekening: Cristina Martins

Zingen

Nee. Nee. Nee. (ik praat tegen iemand)
Dat was niet mijn stem
Nee…nee..die was het niet.

Mijn stem is niet zo zuiver.

Het was ook niet de stem van mijn moeder,
Zij kon vroeger heel mooi zingen, (overdreven stem imiteren) de bomen , de bladeren hielden stil als zij haar snavel opendeed, de lucht werd strak blauw en de zon liet van schrik al haar stralen vallen. Zo mooi kon ze zingen, zei ze
Ik heb het nooit gehoord. Alleen die schaduw, die schorre echo van : “jijmoettocheenswataanjezingendoenochikkonzomooizingen..”
Het was ook niet de stem van mijn zus, de nachtegaal,
die in de nacht
haar hart uitschreeuwt
en het daarna laat stuiteren
in staccato, haar tonen hoog en zuiver.
Levenslust, parend met de noodzaak van nieuwe maken.

Nee, mijn stem is niet zo zuiver.
Ik ben niet zo een zanger.
Ik zie er graag goed uit:
Mooi dessin.
Kwaliteitstof.
Lakleren schoenen.
Mijn broer de ekster
houdt van juwelen.
Ik vind dat ordinair
Ik ben meer van de eenvoud,
maar dan wel duur,
en met genoeg tijd om te dromen:
van het nieuwste geel voor mijn verenpak
(Ik kan niet achterblijven)
van een dieper zwart, voor op mijn kruin
(Ik moet slimmer lijken)
en van een stem,
een om mee te imponeren,
niet omdat er muziek in zit

Dromen liever dan zingen
want zingen is leven
en dromen is net niet
maar wat zou kunnen.
En dat is er altijd over mee kunnen praten
Dat is het niet hoeven, het laten,
veelbelovend blijven.

Ik schitter als afleiding,
Een snelle , strakke hak met de snavel
en weg ben ik:
Kort genoeg om indruk te maken
Niet lang genoeg om te beklijven

De stem die ik hoorde
leek in de verste verte niet op de mijne
en ook niet op die van mijn moeder
die ooit mooi was, maar nooit veel te zeggen had,

Nee dit was niet onze stem,
daarvoor waren haar woorden
te treffend
Ik denk dat het gewoon mijn stiefzus, de merel was
Zij met de mooiste stem,die iedereen voor lief neemt
maar die ze allen liever nemen dan hun eigen stem
Zij met de mooiste stem in het soberste pak,
Want tja, oogverblindend is ze natuurlijk niet:

De doorloper, de broedmachine, de herrieschopper
De overlever, de beschermer, de kameraad

Ik denk dat het mijn stiefzus was, want het is echt iets voor haar om dit te zeggen:
“Ik heb niks nodig, alleen een beetje eten en mijn stem. Ik zing gewoon mijn eigen lied. Die hele explosie van leven is niet aan mij te danken, ik bezing het alleen maar. En ik denk persoonlijk dat er niet veel meer nodig is om de wereld te redden. Ik zing het uit voor de liefde. Ik zing het uit en dat is goed.”

Scroll to top